1.3 De keizerlijke tijd


6 april 2012 door Miranda van Gaalen

Met dank aan mevrouw Y. de Jonge die een profielwerkstuk over Feng Shui heeft geschreven:

Om verder in te gaan op het ontstaan en de ontwikkeling van feng shui, is het noodzakelijk iets te weten over de 3 belangrijkste Chinese filosofieën het Daoïsme, het confucianisme en het boeddhisme.

Het Daoisme is een metafysisch concept. Veel kenmerken van de Chinese prehistorische religie zijn verzameld in het Daoïsme. Het Daoïsme kwam in opkomst gedurende de periode 475v.Chr.-221 v.Chr. ook wel de ‘’Warring States Period’’ genoemd. Het Daoïsme is gebaseerd op 2 teksten namelijk de ‘’Daodejing’’ geschreven door Laozi in de derde of vierde eeuw v.Chr. en de ‘’Zhuangzi’’ geschreven door Zhuang Zi in de periode daarop volgend.

De stroming kende een hoogtepunt in de Han-dynastie (206 v.Chr.-220 n.Chr.) maar werd pas in de Tang-dynastie erkent. Het Daoisme staat voor de terugkeer naar Dao, terug naar wat verloren was gegaan in het proces van civilisatie. Centraal staat de allesomvattende universele natuurwet ‘Dao’ wat “weg” betekent. Dit is de weg waaraan men zich als mens moet aanpassen. De natuur in brede zin zou bestuurt worden door de interactie van de kosmische krachten, Yin en Yang. Maar men kan het begrip ´´dao´´ slechts bij benadering leren begrijpen. De kern van dao is namelijk dat het niet kan worden uitgedrukt, omdat het geen vorm heeft en ook niet gebonden is aan een vorm. Van oorsprong was het Daoïsme een filosofie zonder specifieke goden maar later heeft het zich ontwikkeld tot een ware volksreligie met veel goden en heiligen. Hierbij ondervond de filosofie een sterke (wederzijdse) invloed van het boeddhisme. Waarschijnlijk stammen de magische rituelen stammen in veel gevallen af van een oeroud sjamanisme.

Gesteld kan worden dat feng shui verder bouwt op het principe dat men een goede relatie moet bewaren met  goden en heiligen uit het Daoisme. Het bewaren van een goede relatie gebeurde door middel van ‘toekomst voorspelling’, rituelen en het uitbrengen van offers. Iets anders uit het Daoïsme dat we terug zien in feng shui  is de zelfde vorm van bestuurlijke gelaagdheid. Ook de Daoïstische goden zijn gerangschikt in een hemelse organisatie van o.a. ministers, administratief medewerkers en controleurs. Dit is een duidelijke afspiegeling van de Chinese keizerlijke bureaucratie.

In deze tijd kwam ook een andere belangrijke filosofische stroming op, het confucianisme. Hoewel Confucius als grondlegger gezien wordt zijn het vooral zijn leerlingen waardoor het confucianisme bekend is geworden. Er is niet 1 boek geschreven maar er zijn meerdere teksten in de loop van de tijd ontstaan. Het confucianisme stelt dat  deugdzaamheid iets is dat iedereen kan leren. Het grijpt ook terug op de vroege Zhou-dynastie waar het voorbeeld zou liggen van de ideale maatschappij. In het algemeen moet men het goede voorbeeld van deugdzame vorsten en of voorouders navolgen. Daarnaast moet men in zowel het privé als openbare leven morele tradities (li) belijden. Het besturen van de staat was in deze tijd sterk gebaseerd op de confucianistische leer. Ondanks de invloed van praktische filosofieën als het confucianisme gedurende de Han-dynastie, groeide het aantal aanhangers van ‘earth divination’ (geomantische filosofieën). In feite behoren feng shui en het Daoisme hier ook toe. Echter zouden de feng shui beoefenaars het zeker niet als geomantisch hebben beschouwd. In deze tijd werd er al gebruik gemaakt van windrichtingen, jaren, maanden dagen en uren, en van de dierenriem (zodiak), bij het voorspellen van de toekomst.

Tijdens of vlak na de Han-dynastie is een boek ontstaan genaamd ‘’The Yellow Emperor’s Book on Dwellings’’. Het boek bevatte een nieuwe theorie over geomantische invloeden gebaseerd op het concept van man en vrouw en Yin en Yang. Hier werd voor het eerst onderscheid gemaakt tussen feng shui kosmologie voor de levenden en voor de doden. Dit boek maakt ook onderscheid tussen diagrammen voor mannen en vrouwen en vertelt over de verschillen tussen mannelijke en vrouwelijke geomantische kenmerken. De 8 trigrammen[1] worden er ook in behandeld.

Uit historische bronnen weten we dat er een aanzienlijke hoeveelheid literatuur over ‘grave divination’ bestond tijdens de Han-dynastie. Vandaar dat verondersteld wordt dat de opkomst van literatuur over toekomstvoorspelling samenviel met het opkomen van het Daoisme. Onder Daoistische invloed werd een eerste poging gedaan om geomantische kennis onder te brengen in een universeel boek. In de hierop volgende 3 koninkrijken en 6 dynastieën zijn er verbanden geconstateerd tussen gunstige begraafplaatsen en het succes van de opvolgende generatie.

Verder is geomantie onderhevig geweest aan invloeden uit het Hindoeïsme en het Boeddhisme. De belangstelling voor zaken gerelateerd aan toekomstvoorspelling zoals mythologie, bovennatuurlijke krachten, geestesverhalen en droom interpretaties groeide. Dit zorgde voor de komst van nieuwe meesters in de verschillende takken van de toekomstvoorspelling.

Plaats een reactie


een + 9 =