Met dank aan mevrouw Y. de Jonge die een profielwerkstuk over Feng Shui heeft geschreven:

Er zijn tal van feng shui richtlijnen op het gebied van interieur en architectuur. Voor een deel zijn dit regels die al eeuwenoud zijn en ontstaan zijn uit praktisch nut. (Een aansprekend voorbeeld is het plein van de hemelse vrede in Beijing. ‘s Zomers waait hier een aangenaam briesje en ‘s winters wordt de koude wind geweerd doordat de poort precies aan de juiste kant is gebouwd. Tegenwoordig  bestaat de regel dat deuren en openingen op het zuiden gericht moeten zijn.) Een ander deel is in de loop der tijd ontstaan onder invloed van de groeiende belangstelling en hiervan is het maar de vraag of het werkzaam is. Zoals eerder gezegd hebben veel feng shui kenners hun eigen interpretatie van wat wel en niet werkend is en bestaat er niet slechts 1 serie richtlijnen die juist is. In verschillende feng shui boeken kunnen de richtlijnen elkaar zelfs tegenspreken. Daarom is het belangrijk om zoveel mogelijk verschillende boeken over feng shui te lezen als je je er in wilt verdiepen.

‘De natuur moet in harmonie zijn met de mens’; dit betekent eigenlijk dat de natuur op zo’n manier  behandelt moet worden dat de mens van de gunstige invloeden kan profiteren en tegen de slechte beschermt wordt. Een gunstige plaats bied bescherming door heuvels of begroeiing. Soms worden heuvels en begroeiing symbolisch voorgesteld door een groene draak en witte tijger.

In een woonwijk is dit moeilijker te realiseren. Een gunstige kavel heeft bescherming om het huis heen in de vorm van bomen, struiken of hoogteverschillen. Een wijds uitzicht zonder obstakels is belangrijk. Dit is logisch te verklaren want uitkijken op een heel hoog gebouw of een steile helling  en daar dus door overschaduwd worden geeft een opgesloten gevoel. Daarnaast is groen gras en evenwicht tussen wind en water en zon en schaduw aan te bevelen. Ik denk dat dit principe afkomstig is uit de tijd waarin de zelfvoorzienende landbouw nog een rol speelde omdat deze voorwaarden duiden op een vruchtbare grond en een geschikt klimaat voor akkerbouw. Tegenwoordig kan wind ook onprettig werken in moderne steden met hoogbouw door turbulentie.

De entree van een gebouw is belangrijk omdat die de eerste indruk geeft. Hij moet vooral ruim zijn zonder obstakels. Voor de richting van de voordeur maar ook voor ieder vertrek bestaan verschillende richtlijnen. Volgens Lilian too moet de voordeur op het zuiden gericht zijn maar volgens de Black Hat school zijn de windrichtingen niet meer bepalend door de vele bebouwing in deze wereld.

In de keuken is een scheiding van de elementen water en vuur belangrijk. Het fornuis moet daarom niet grenzen aan de gootsteen. De kleur rood staat symbool voor voorspoed. De eettafel laat voldoende loopruimte over en scherpe hoeken in de eetkamer zijn verdoezelt door kamerplanten.

In de woonkamer is het van belang dat de meubels zo zijn opgesteld dat men kan zien wie er binnenkomt. Dit principe is al meerdere malen bewezen met een proef waarin mensen in een restaurant een tafel kiezen. Niemand kiest een tafel waarbij men geen vrij zicht heeft en men zit het liefst met de rug tegen de muur. Natuurlijke materialen zijn altijd te verkiezen boven hoekige synthetische materialen.

De plaats van het toilet is een beetje omstreden. Deze mag niet in de hoek van rijkdom, gezondheid of relatie staan (Black Hat School) maar ook niet tegenover de voordeur. Dit zou kunnen voortkomen uit een behoefte aan privacy als er mensen door de voordeur komen. Ook mag het toilet niet tegenover de eetkamer of keuken, ik denk dat dit ontstaan is om hygiënische redenen.

Aan de plaats van de trap zijn ook regels verbonden, de trap is het best licht gebogen met beklede, dichte treden. Waarschijnlijk is het aanblik van een trapgat en de ruimte tussen de treden niet aangenaam door de hoogte.

De slaapkamers kunnen verdeeld worden volgens de trigrammen van de Bagua. Dan wordt gekeken naar de windrichtingen en de bewoners van de kamers.  Vanuit het bed en vanaf het bureau moet er zicht zijn op de deur. Het slapen onder balken wordt afgeraden.

Eén van de feng shui kenners die ik heb geïnterviewd, Mevr. Steinkamp, heeft empirisch onderzoek gedaan naar het slapen onder balken. Toen zij zelf onder de balken ging slapen kreeg zij daadwerkelijk last van lichamelijke klachten. Ook spiegels in de slaapkamer worden afgeraden. Een oud verhaal gaat dat de spiegel ervoor zorgt dat ’s nachts de ziel die uit het lichaam treedt (wordt afgesneden). Echter, het is ook onplezierig om ’s nachts wakker te schrikken van je spiegelbeeld. De spiegel kan ook gebruikt worden om gunstige Qi te weerkaatsten naar een ruimte die dat nodig heeft of om slechte Qi af te buigen en daarmee onschadelijk te maken. Ik denk dat dit met licht inval te maken zou kunnen hebben.

Het gebruik van symbolische voorwerpen werd bijvoorbeeld verschillend opgevat. Sommigen geloven in universele symbolen die in elke cultuur een gelijke betekenis hebben. Anderen geloven in de kracht van symbolen die al in het huis aanwezig zijn en die voor de bewoner al een waarde hebben. De bewoner moet waarde hechten aan het voorwerp dat als symbool gebruikt wordt anders werkt het niet. Ook is het beter om dicht bij je zelf te blijven met bij het kiezen van symbolen omdat Chinese symbolen in een andere cultuur een heel andere betekenis kunnen hebben. Zoals de vis die staat voor rijkdom maar in het christendom staat voor bekering.

Dit zijn enkele richtlijnen die bij raadpleging van diverse boeken sterk kunnen verschillen. Sommige boeken zijn erg afgeweken van het oorspronkelijke en hebben vooral een commercieel doel.

Conclusie: Het is belangrijk om de richtlijnen in de juiste context en cultuur te plaatsen en om meerdere bronnen te raadplegen.

Plaats een reactie


zeven − = 3