Leefbare wijk I


16 december 2011 door Miranda van Gaalen

Een leefbare wijk heeft een solide basis en deze begint bij het landschap waarin zij wordt geplaatst en de omgeving die zij zelf door haar bouw creëert. De aanwezigheid van bergen dicteert de locatie van gebouwen zodat weersinvloeden beperkt worden. Net zoals de plaatsing van een bed in een slaapkamer gedicteerd wordt door de locatie van deur en raam. De natuurlijke bescherming die bergen kunnen bieden kan ook in kunstmatige vorm worden geschapen. In een vlak landschap zoals in Nederland waar bergen hoogstens heuvels zijn en niet van nature aanwezig behalve op de Heuvelrug, Veluwe en in Limburg is de mensenhand onontbeerlijk om dergelijke steun te realiseren. Hierdoor kan elk gebouw de functie van beschermheer voor nabije objecten uitoefenen afhankelijk van hun vorm en de positie waarin zij zich bevinden.

Zoals elk mens gedijt bij ruggesteun geldt dit ook voor elk gebouw. Ondersteuning en stabiliteit vormen een stevige basis voor toekomstige ontwikkeling en als dit ontbreekt liggen besluiteloosheid en instabiliteit op de loer. Een steuntje in de rug kan echter ook nadelig uitpakken als er sprake is van een dolksteek of overweldigende steun. Zo zal een lange rij woningen die haaks staat op een bepaald huis of een torenflat die pal achter een eengezinswoning staat leiden tot gezondheidsproblemen en onderdrukking van de bewoners. De dubbelrol die hier vervuld wordt, namelijk het beïnvloeden van en het beïnvloedt worden door nabije gebouwen betekent dat in het structurele ontwerp aandacht nodig is voor deze wederkerige invloed. Door een gunstige positionering en evenwichtige samenstelling van de verschillende  hoogtes van gebouwen wordt ernstige hinder bij eindgebruikers voorkomen.

U kunt geen reactie meer plaatsen.